Wat is de betekenis van het recht op onderwijs?

Het recht op onderwijs is van groot belang. Indien dit recht gerealiseerd kan worden, zal het makkelijker zijn om een aantal andere rechten te realiseren (zoals het recht op tewerkstelling). Toch is dit geen absoluut recht, beperkingen zijn mogelijk. Deze moeten wel een legitiem doel hebben en noodzakelijk zijn in een democratische samenleving.

Het eerste aspect van dit recht is het recht op toegang tot onderwijs. Onderwijs moet beschikbaar zijn in een land vooraleer er gesproken kan worden over de toegang tot onderwijs. De staten zijn verplicht om basisonderwijs kosteloos te maken voor iedereen. Dit is een directe verplichting voor de staten. Voor het secundair en hoger onderwijs geldt geen directe verplichting, staten moeten het recht wel progressief realiseren. Dit wil zeggen dat ze alles moeten doen wat binnen hun mogelijkheden ligt om secundair en hoger onderwijs geleidelijk beschikbaar te maken en toegankelijk voor allen. Staten mogen stappen die ze gezet hebben om dit recht te realiseren niet zomaar ongedaan maken. Ze mogen op stappen terugkomen, maar enkel indien dit nodig is om een ander recht te kunnen beschermen/realiseren. Dit mag slechts indien ze voorafgaand tussen de twee rechten in kwestie een afweging hebben gemaakt.

Het tweede aspect van dit recht is de vrijheid van onderwijs. Dit is het recht van de ouders om te kiezen welk soort opvoeding en onderwijs hun kinderen moeten krijgen. Deze keuze kan op basis van religieuze, ethische en filosofische overtuiging gemaakt worden. Ouders kunnen er bijvoorbeeld voor kiezen om hun kinderen al dan niet naar een katholieke school te sturen. Het staat iedereen ook vrij om zelf een onderwijssysteem op te zetten.

Het recht op onderwijs wordt nog vaak geschonden. De meeste schendingen hebben te maken met een gebrek aan beschikbaarheid van onderwijs en/of met een gebrek aan toegankelijkheid (doordat de kosten te hoog zijn of er gediscrimineerd wordt). Het kan ook zijn dat het onderwijs dat geboden wordt niet acceptabel is, doordat het bijvoorbeeld de culturele rechten van bepaalde mensen niet genoeg respecteert. Probleem is dat je dit recht niet in alle landen kan afdwingen bij een rechter. In België en Zuid-Afrika bijvoorbeeld kan je dit wel.